Gezondheid

Primaire Lens Luxatie:
In het oog wordt de lens door ophangbanden (fibrae zonulares) op zijn plaats gehouden. Deze ophangbanden kunnen verkeerd zijn aangelegd, scheuren of langzaam afsterven. Het gevolg hiervan is dat de lens loslaat. De lens kan gedeeltelijk loslaten (subluxatie) of zijn geheel loslaten (luxatie). In het geval van een lensluxatie kan de lens op zijn plaats blijven staan of naar voren of naar achteren kantelen. 
Een gekantelde lens kan vervolgens de afvoer van vocht uit het oog blokkeren. Wanneer kamerwatervocht uit het oog niet kan worden afgevoerd, zal dit vocht zich gaan ophopen in het oog en ontstaat glaucoom.
PLL is testen dmv een DNA test. PLL vrije honden dragen het gen niet met zich mee. 
PLL dragers dragen het gen met zich mee. PLL lijders ontwikkelen PLL.

Hoe wordt PLL doorgegeven?
Vrij X Vrij =  Alle nakomelingen vrij.
Drager X Vrij = 50% kans op vrije nakomelingen , 50% kans op dragers.
Lijder X Vrij = Alle nakomelingen zullen drager zijn.
Lijder X Drager = 50% kans op dragers, 50% kans op lijders.
Drager X Drager = 25% kans op lijders, 50% kans op dragers, 25% kans op vrije nakomelingen.

Binnen de MBTV zijn alleen de combinaties vrij x vrij & vrij x drager toegestaan.

Hartafwijkingen:
Bij vele hondenrassen komen erfelijke hartafwijkingen voor. Zo ook bij de MBT. Sommige erfelijke afwijkingen zijn bij de geboorte al aantoonbaar. Andere ontwikkelen zich in de loop van het leven. De meest voorkomende hartafwijkingen bij de MBT zijn lekkende hartkleppen en aortastenose. Deze twee aandoeningen kunnen voorkomen in geringe tot zeer ernstige mate.

Hoe werkt het hart ook al weer?

Het hart bestaat uit een linker kamer (ventrikel), een rechter kamer, een linker boezem (atrium) en een rechter boezem.Tussen de kamers en de boezems zitten kleppen. Links de mitraliskleppen en rechts de tricuspidaliskleppen. In de linker boezem komt zuurstofrijk bloed binnen vanuit de longen. Dit bloed wordt door de linker kamer via de aorta naar het hele lichaam gepompt om zuurstof rond te brengen. In de rechter boezem komt zuurstofarm bloed binnen vanuit het hele lichaam. Dit bloed wordt door de rechter kamer via de longslagader naar de longen gepompt om zuurstof op te halen.

Deze aandoening heeft vaak een erfelijke basis maar ontstaat in de loop van het leven. Het lek wordt veroorzaakt door verdikking en vervorming van klepdelen en ophangbanden van de klep. Hierdoor lekt er bloed van de linker kamer terug naar de linker boezem tijdens de samentrekking van het hart. In minder erge mate kan het hart het lek goed compenseren. Als het lek groter wordt kunnen er symptomen van linker hartfalen ontstaan: moeilijk ademen, hoesten, flauwtes, inspanningsintolerantie. Uit een studie gedaan onder de Australische Bull Terriërs blijkt dat ongeveer 39% van de Bull Terriërs deze aandoening heeft.

Opsporingsmethoden:
luisteren met een stethoscoop: door het lekken van het bloed naar de boezem ontstaat er een hartbijgeruis
Rontgenfoto’s: er ontstaat een hartvergroting door het compenseren van het hart. In een erger stadium kan er met een foto, vocht op de longen worden opgespoord.
Echografie: vergroting van de linker harthelft, de verdikte klep, de lekkage van de klep kunnen hiermee worden opgespoord.

Omdat deze aandoening in de loop van het leven pas ontstaat, is het niet zo dat als een hond de aandoening niet heeft, dat de hond het ook niet zal krijgen:

Nieren:
Nierziekte staat bekend als de sluipmoordenaar omdat er vaak geen symptomen aanwezig die wijzen op deze ziekte en als ze er al zijn dan kan men ze vaak verwarren met andere dingen.

Enige symptomen zijn:

• toegenomen water drinken,
• toegenomen plassen,
• stinkende adem (in de eindfase),
• plotseling afvallen (in de eindfase),
• zweren in de bek (in de eindfase),
• bibberen (in de eindfase),
• slaperig (in de eindfase),
• overgeven (in de eindfase)

Er is een relatief goedkope test beschikbaar die het disfunctioneren van de nieren opspoort. De naam van deze test heet Urine Proteïne/Creatine ratio (UPC) verhouding test. Deze test geeft de verhouding in de urine aan en als deze te hoog is kan dit een aanwijzing zijn van nierproblemen en is er een verder onderzoek noodzakelijk. Sommige fokkers testen hun honden op nierziekten middels een controle van het bloed. Met een bloedtest kun je echter niet aantonen dat je hond niet lijdt aan nierziekte. Het is bekend en bewezen dat er geen aanwijzingen te vinden zijn in het bloed als de ziekte zich in het beginstadium bevind. De nierziekte wordt in het bloed pas zichtbaar als het grootste gedeelte van de nieren niet meer functioneert. Nogmaals, een bloedtest toont niet aan dat de hond een nierziekte heeft.

De UPC verhouding voor MBT moet onder de 0,3 zijn. Dit is duidelijk rasspecifiek en uw dierenarts zal hier notie van moeten nemen omdat voor het grootste gedeelte van de rassen een resultaat onder de 1,0 acceptabel is en een normaal functioneren van de nieren aan geeft. Nogmaals voor MBT moet dit onder de 0,3 zijn.